ALBERGEN - Een grote groep mensen genoot zaterdag 21 maart van de aftrap van het weidevogelseizoen in Overijssel in zaal Morshuis in Albergen. Voor de eerste keer sinds jaren zijn liefhebbers van weidevogels uit de hele provincie hiervoor naar Twente gekomen.
Meestal gebeurde de start van het seizoen in de kop van Overijssel of Salland. Maar vorig jaar kregen twee vrijwilligers van de Vogelwerkgroep Geesteren de vrijwilligersprijs, dat waren Theo Lohuis en Harry Nobbenhuis. Dus zou de ochtend bij wijze van uitzondering dit keer in Twente worden gehouden.
Irrigatie
Voor de Vogelwerkgroep Geesteren was de bijeenkomst een mooie gelegenheid te vertellen over het gloednieuwe project weilandirrigatie en over het vliegen met de faunadrone. Bovendien brachten de deelnemers aan de ochtend een bezoek aan het plasdras Erve Vleerboer net buiten Albergen, waar Leonard Rouhof van het Gebiedscollectief Noordoost Twente een dag eerder nog zo'n 40 grutto´s telde. Tijdens het bezoek was het aantal grutto´s bij het plasdras echter slechts een stuk of 4 of 5.
Prijs
De vrijwilligersprijs ging dit jaar naar Harm-Jan Kerssies uit Vroomshoop. Hij kreeg een glazen kievit uit handen van Arjen Nieuwenhuis van Landschap Overijssel.
Weidevogelkenner Astrid Kant hield een uitgebreid betoog over de 40 jaren dat zij samen met zo'n 30 boeren weidevogels tussen Lek en Linge in het Vijfheerenland (provincie Utrecht) in stand houdt. Honger is het grootste gevaar hield zij de toehoorders voor. Kruidenrijke stukken gras en hooilanden zijn cruciaal voor weidevogels omdat hier veel insecten leven en dat is voer voor de kuikens, aldus Astrid Kant.