Natuur & Milieu

Rindert Ekhard renoveert boerderij met opmerkelijke geschiedenis

Rindert Ekhard (links) en Diederik Jansen bij de boerderij, die momenteel verbouwd wordt. Foto: Jenny ter Maat

RIJSSEN/HOLTEN – Aanbellen bij een boerderij en hopen dat de eigenaar je te woord staat. Want je hebt een vraag. Rindert Ekhard uit Rijssen belde op de bonnefooi aan bij de boerderij van Diederik Jansen in het buitengebied van de gemeente Rijssen-Holten. Of de boerderij te koop was. Hij mocht binnenkomen. Hij hoorde bijzondere verhalen, én de boerderij is sinds begin deze maand zijn eigendom.

Ekhard had geluk. Diederik Jansen, de 84-jarige eigenaar, dacht er al over om zo langzamerhand de boerderij te verkopen. “Er was al een kandidaat, maar die wilde er de shovel voor zetten.” En dat zag Jansen liever niet gebeuren. Het plan van Ekhard, om de buitenkant intact te houden, viel wel in smaak en de koop kon zonder problemen geregeld worden. Ekhard: “Jansen hechtte eraan dat de boerderij zou blijven bestaan. Mede daardoor zijn we eruit gekomen. Toen we het met de heer Jansen eens waren geworden, hebben we er samen met mijn vrouw een jachtbittertje van Jansen op gedronken.”

“Het is een boerderij met een opmerkelijke geschiedenis”, vertelt Ekhard. Voormalig eigenaar Jansen is geboren en getogen op de boerderij. Zijn overgrootouders, zijn grootouders en zijn ouders woonden er.

“Mijn overgrootmoeder werd al jong weduwe en verhuisde hier in 1899 naar toe, met haar zeven kinderen”, vertelt hij. Haar zoon Jannes nam de boerderij over; ook hij overleed jong, al op 52-jarige leeftijd. Zijn zoon, Egbert, de vader van Diederik, nam na zijn overlijden, rond 1940, de boerderij over. Egbert was toen al zeven jaar getrouwd met Maria Rensen. In 1937 werd Diederik geboren, als derde van elf kinderen. Als zevenjarig jongetje maakte hij in 1944 dingen mee, die hij niet kan vergeten. “In april 1944 ontstond er door kortsluiting brand. In korte tijd brandde de hele boerderij uit. Alleen een oud kookhuisje bleef over.” De gezinsleden konden op tijd wegkomen. Ook de koeien en de paarden werden gered. Maar de varkens en de hond overleefden het niet. “De varkens waren eruit, maar liepen terug het vuur in.”
“Mijn moeder woonde met vijf kinderen zolang bij haar moeder. Ik ging naar een oom en tante”, vertelt Jansen. Naderhand werd een bouwkeet geplaatst, waar de familie zolang in kon wonen. In de zomer werd het achterste deel van de boerderij weer opgebouwd; na de oorlog werd ook het voorste deel hersteld.

 

Moord op onderduiker
Eén van de mensen die hielp de boerderij weer op te bouwen, was zijn neef Marinus Stevens uit Apeldoorn, een 18-jarige onderduiker. Ook op 14 oktober 1944 was hij, met anderen, hiermee bezig. “Een tante lag ziek op bed bij ons. De dokter werd erbij gehaald en die vertelde dat de Duitsers een razzia hielden.” De mannen die er aan het werk waren, vader Egbert, Marinus, een oom, buren en nog een onderduiker, vluchtten het buitengebied in, in verschillende richtingen. “Mijn vader zat in de bosjes, dichtbij huis. Bij ons aan de zandweg zetten de Duitsers een mitrailleur neer”, vertelt Diederik. Om twaalf uur ’s middags was de razzia afgelopen. Ook Marinus hoorde dat de Duitsers weg waren. Hij liep terug naar huis, recht in de armen van de Duitsers. Die schoten hem dood. “Achttien jaar”, zegt Diederik en dan is het even stil. De moord heeft een grote en verdrietige invloed op de familie. Marinus is in Holten begraven. “Later is opoe in zijn graf bijgezet.” Op de plek aan de Haarlerweg, waar Marinus overleed, werd op 1 mei 1998 het Stevensmonument onthuld.
De tante bleek een acute blindedarmontsteking te hebben en moest met paard en koets naar het ziekenhuis in Almelo gebracht, diezelfde middag.

De boerderij werd na de oorlog afgebouwd. Diederik nam in 1974, toen zijn vader 65 werd, de boerderij over. Zijn broers en zussen vlogen uit, hij bleef. Moeder Maria overleed in 1983. Vader Egbert, die 98 werd, woonde tot z’n 90e op de boerderij.

De laatste twintig jaar woonde Diederik er alleen. Langzamerhand werd het werk om het huis, de tuin, boomgaard, moestuin, toch te veel. Vandaar de verkoop.

Voorafgaand aan de renovatie van de boerderij nam Ekhard Monumentenwacht Overijssel in de arm. Er werd een plan gemaakt om de boerderij te behouden en te verduurzamen. “Het pand wordt onder andere geïsoleerd en gaat van het gas af”, vertelt Ekhard, CDA-raadslid. Lachend: “Als woordvoerder op het gebied van duurzame energie ben ik dat wel verplicht.”

Diederik huisde in augustus over naar de Diessenplas. Verwacht wordt dat volgend jaar voor de zomervakantie de renovatie klaar is. Ekhard: “We hebben met Jansen afgesproken dat hij en zijn tien broers en zussen worden uitgenodigd als de verbouwing achter de rug is, zodat ze kunnen zien wat er van hun ouderlijke woning geworden is.”