Algemeen

Warenmarkten behoren eindelijk wel tot de essentiële sector

RIJSSEN - Zaterdag 18 december maakte de overheid bekend om een harde lockdown in te voeren in Nederland. De warenmarkt wordt ‘eindelijk’ gezien als een ‘supermarkt in de frisse buitenlucht’, waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen food en non-food.

Dat alle kramen open mogen blijven, is niet vanzelfsprekend. Bij de vorige lockdown werd er namelijk nog een onderscheid gemaakt tussen food en non-food. De Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel (CVAH) is dan ook blij dat het kabinet deze keer wél naar de marktkooplui heeft geluisterd. “De markt is ondeelbaar en een echte eenheid. Bij een supermarkt haal je ook niet de niet-essentiële producten uit het schap, dus waarom wel bij een warenmarkt? Wij zijn blij dat we eindelijk in ons gelijk zijn gesteld door de overheid”, reageert Ben Geelink namens het regionale bestuur.

Geelink, eigenaar van Geelink Beenmode, merkt dat velen vergeten zijn dat de marktkooplieden 22 weken thuis hebben gezeten, maar dat vergeet hij zelf zeker niet. “Daar zijn wij als marktkooplieden écht kapot aan gegaan. Wij zijn het absoluut niet eens met de maatregelen, maar we moeten ons er gewoon aan houden. Zowel klanten als marktkraamhouders.”

“We hopen, net als iedereen, dat het coronavirus snel voorbij is maar daar hebben we helaas geen invloed op. Gelukkig behoort de warenmarkt nu tot de essentiële sector en kunnen klanten gewoon veilig shoppen in de frisse buitenlucht!”, besluit Geelink.