Algemeen

Antoon Morsink en Bas Jägermeister:
Een halve eeuw fotograferend en schrijvend over het carnaval in Denekamp e.o.

Begin dit jaar 2021 geen intochten van carnavalshoogheden, geen gala-zittingen, geen carnavalsoptochten en allerlei andere festiviteiten  in het kader van dit jaarlijkse feest der zotternij. Oorzaak bekend. De immer ijverige carnavalsverenigingen peinsden en peinzen nog  hoe toch nog iets van dit ‘feest der feesten’ gevierd kan worden, of er aandacht aan kan worden gegeven. Voor Antoon Morsink en ondergetekende een mooi moment om nog eens terug te kijken op de historie van het carnaval in Denekamp en haar directe omgeving. Tientallen jaren volgden wij beiden dit schrijvend (zo’n 50 jaar) en fotograferend (35 jaar). 

Antoon was er al bij toen in Denekamp de eerste activiteiten richting een Denekamps carnaval zich ontwikkelden (1966) en hij bleef vervolgens de gehele verdere gang van zaken daarbinnen fotograferend volgen tot eind jaren ‘90. Mijn start was er begin jaren zeventig toen ik als correspondent van het dagblad Tubantia gevraagd werd een verslag te maken van een gala-avond van de c.v. De Köttelpeern in Hotel De Gelaarsde Kat van de familie Knippers en eenzelfde happening bij de c.v. Nachtuulkes in ’t Wubbenhof, hetgeen ik vervolgens een aantal jaren ben blijven doen voor deze toen nog zelfstandige regionale krant Tubantia. Dat leidde verder al snel tot de toetreding van de redactie van de Köttelpeernkrant en dan onder de schuilnaam Bas Jägermeister. Eerste activiteit werd het interview met de nieuwe prins van 1972, Johan Koehorst met diens sik Paul Wiefferink. Prachtige jaren met een geweldige club die redactie, waardoor het mogelijk was dit zo’n kwart eeuw vol te houden. De voorloper van de huidige Klossie. Voorts begon ik begin jaren zeventig eveneens met het wekelijks verslagen maken over de carnavalsactiviteiten in het Denekamps Weekblad, later de Dinkelland Visie, vele jaren nog als Bas Jägermeister, daarna onder de huidige initialen. Voor onze activiteiten werden we gehuldigd tot ‘Stille kracht achter het Denekampse carnaval’. Ik in 1995 en Antoon het jaar daarop. Burgemeester Frans Willeme reikte daarbij de ‘Bernardo Hemme –trofee’ uit, een duur bronzen beeld. Na ons beiden volgde er nog eenmaal zo’n uitreiking.

 

Inmiddels zijn wij al weer heel wat jaren geleden begonnen met het afbouwen van onze carnavals-activiteiten Het verslag doen van intochten en verdere festiviteiten is meer en meer overgenomen door de eigen hofschrijvers van de verschillende verenigingen. Antoon heeft het stokje in 1998 overgedragen aan zijn zoon Marcel, in 2008 prins van de carnavalsvereniging De Köttelpeern. Ikzelf volsta nu nog met zo nu en dan eens een artikel in de DV. over opmerkelijke gebeurtenissen, zoals carnavalsjubilea of een bijzondere gebeurtenis.

 

Toen Antoon en ik samen zo  herinneringen ophaalden kwamen we tot de conclusie dat we wel ontzettend veel hebben mee gemaakt. Door Antoon ook fotografisch vastgelegd. Antoon: “Foto’s? Ik heb er ‘duizenden en duizenden’, misschien wel twintig duizend en dan alleen over het carnaval!” ons  steeds enthousiaster wordende gesprek over alles wat we hebben meegemaakt leidde prompt tot de gedachte die ervaringen in deze ‘komkommertijd’ voor de kranten eens te publiceren in het DV. Ze betreffen immers het carnaval, zolang dat in Denekamp e,.o. wordt georganiseerd en gevierd.

Een totaal andere invalshoek dan die van de inmiddels al regelmatig verschijnende jubileumuitgaven van de afzonderlijke carnavalsverenigingen. In de volgende editie meer daarover, uiteraard met interessante foto’s uit die voor ons beiden nu ‘vervlogen carnavalsjaren’….

 

PBJ/A.M.

1.     De eerste  statiefoto door Anton Morsink. (1966) met de eerste Kötteleernprins Hugo I (Johan Olde Dubbelink), zijn secretaris Antoon Smellink, de Raad van Elf en twee dansmarietjes (archief A.M.). Nog herkenbaar?

2.     ‘Club Privaat’ meer dan twintig jaar de vaste jaarlijkse pagina in de  Köttelpeernkrant (hier uit ? ) door Bas Jägermeister. Dit naar voorbeeld van roddelpagina in Telegraaf van die tijd door Henk van der Meijden.